Wijzigend parochielandschap

ENKELE OVERWEGINGEN BIJ HET ZICH WIJZIGEND PAROCHIELANDSCHAP

 

Naar de kern gaan …

Geloof en Kerk kennen vandaag de dag geen cultureel automatisme meer. Geloven vraagt vandaag een persoonlijke verdieping en een werkelijk beleefde relatie met God. Enkel vanuit deze godsverbondenheid kan een gemeenschap uitgebouwd worden. Het zal dus belangrijker worden te spreken tot God dan te spreken over God. Luisteren naar wat God ons te zeggen heeft zal daarbij steeds belangrijker worden. Geloven zal meer en meer gaan betekenen ‘leerling van Jezus’ worden. 

De eersten aan wie verkondigd zal moeten worden zullen de nog kerkbetrokken mensen zijn. Daarbij zullen we ons hoeden voor wat men ‘het kerkelijk atheïsme’ noemt: met alles en nog wat bezig zijn in de Kerk zonder werkelijk met God te leven. We zouden deze verschuiving kunnen omschrijven als ‘van erfgenamen tot bekeerlingen’ worden. De eerste wezensopdracht voor de parochie vandaag zal dus een verdieping van het persoonlijke en het collectieve geloof zijn. 

Vandaar dat meer en meer tijd zal gaan naar geloofsgesprekken, geloofsverdieping, vorming. In de liturgie, in het dienstwerk, in de verkondiging, de eucharistie, de bijbel, het gebed, enz. zal onze eerste bekommernis de levende relatie met God moeten worden. 

Hoe situeert de parochie zich hierin?

Deze nieuwe opties blijven niet zonder gevolgen voor het concrete leven van onze parochies.

Allereerst mogen we gerust stellen dat het niet gemakkelijk zal zijn. Het inzicht dat het christelijk geloof wezenlijk kerkelijk is, ligt niet goed. Het christelijk geloof is niet los verkrijgbaar, maar wordt altijd door een gemeenschap bemiddeld. In de joods-christelijke traditie ziet men het geloof als universeel (voor allen bestemd) door een particuliere groep (bv. een parochie) bemiddeld. Dat staat haaks op het religieuze aanvoelen van de meeste mensen. Religie wordt gezien als een individueel naar zin zoeken. De Kerk is in die visie de hulp die bij mij past en die zich aan mij (en mijn religieuze noden) aanpast. De Bijbel ziet dat anders … de Kerk is de ruimte van de geroepenen die deel uitmaken van een specifieke gemeenschap die een teken en getuige van het evangelie is.

Op het niveau van de parochie zorgt dat alles voor een verschuiving. Velen zien de parochie als een soort ‘tankstation’, een instituut dat religieuze service biedt. In hun ogen is het doel van de parochie een religieuze dienstverlening op maat van de individuele of collectieve wensen; een plaats waar je met je persoonlijke religieuze behoeften terecht kan. Hierin staat de loketmentaliteit centraal en heerst het principe van vraag en aanbod. Het gevolg van deze visie is dat hierin de ‘bedienaars van de eredienst’ centraal staan. Zijn er minder bedienaars dan komt de servicefunctie dus in het gedrang. 

Er is echter een andere visie mogelijk en denkbaar. De parochie kan je zien als ‘het volk van God’ en het ‘sacrament voor de wereld’. Hierin wordt de Kerk gezien als een gemeenschap van mensen, het volk dat Hij zich verzamelt en wordt de parochie een ‘vindplaats’, een ‘teken’. In deze visie staat het hele godsvolk centraal en niet enkel de ‘bedienaars’.

In wezen gaat het er dus om dat we zullen streven naar een hernieuwd besef van ons geroepen zijn. In deze gemeenschap zal de dynamiek van het evangelie heersen, niet de dynamiek van vraag en aanbod, noch van vraag en antwoord, maar die van geroepen zijn en die roeping beantwoorden. De opdracht van de parochie wordt in deze geest een plaats zijn waar God zich thuis mag voelen. De kerk wordt dan de woning van God op aarde; de gelovigen zijn Gods familie en zijn huisgenoten. Dat schept een nieuw wij-gevoel. De basis van onze verbondenheid wordt ons ‘broer en zus zijn van Christus’. Wat ons verbindt is niet onze sociologische band (we wonen hier of daar, we zijn uit dit of dat sociaal milieu afkomstig, enz.) maar Christus! Zo gezien worden grenzen, woonplaats, afkomst, religieuze clubvorming met gelijkgezinden, de eigen kerktoren, enz. minder belangrijk.

De parochies van de toekomst zullen er dus eerder uitzien als knooppunten, oases, levende kernen van geloofsgemeenschap. Dat zal nog altijd ‘lokaal’ gebeuren maar wellicht niet meer overal. 

 

Aangeleverd door Deken Jo.